Gezonde Dieren
BLOG VOOR DIERENARTSEN
BLOG VOOR DIERENARTSEN
De laatste twee maanden worden we af en toe gecontacteerd voor hobbykippen met de klacht van vrij acute sterfte en soms, maar niet altijd, verdikking van de oogleden die in deze gevallen kunnen wijzen op een pokkeninfectie.
Deze dieren worden binnengebracht voor lijkschouwing en vervolgonderzoeken. In het kader van verhoogde waakzaamheid voor vogelgriep worden deze dieren ook getest op aviaire influenza (in samenwerking met de LCE en het FAVV).
Over de jaren heen werden reeds verschillende aviaire pokkenvirussen ontdekt bij tal van vogelsoorten. Zo hebben bijvoorbeeld de duif en de kanarie elk hun eigen pokkenvirus. De mortaliteit ten gevolge van pokkeninfectie bij pluimvee hangt sterk af van de vorm en het voorkomen van co-infecties. Bij de huidvorm, waarbij de letsels zich voornamelijk op de onbevederde delen van de huid bevinden, is de mortaliteit eerder laag.
De mortaliteit is doorgaans hoger in geval van de difterievorm van pokken, waarbij de letsels zich voornamelijk in neus-, mond- en keelholte bevinden en dieper kunnen uitbreiden o.a. naar de trachea. Mortaliteit kan in deze gevallen oplopen, onder andere door het ontstaan van dyspnee en verstikking door de chronische ontstekingen. Ook algemene symptomen zoals vermageren en productiedalingen, kunnen te wijten zijn aan pokkeninfecties.
De dieren die we de laatste tijd binnen kregen zijn vaak vrij mager. Opvallend hebben ze een bijna diffuse nodulaire verdikking van de huid van de kop en nek met een exsudatief (en stinkend) aspect van de huid (foto 1; cutane vorm). Hierdoor zijn de oogleden ook vaak dichtgekleefd of worden ze samengedrukt. Bij één van de onderzochte dieren waren er ook kleine wit-gele plaques aanwezig in het dak van de mondholte rondom de choanespleet (foto 2; difterievorm).

Foto 1: Overzicht van de kopt en de hals: Let vooral op het nodulair verdikt aspect van zowel de huid van de hals, oogleden en de kopversierelen. Er is duidelijke geelverkleuring van de huid, welke ook een nat (exsudatief) aspect heeft.

Foto 2: Detail van de mondholte: Aanwezigheid van enkele doffe gele plaques ter hoogte van de choanespleet (difterievorm).
Bacteriologisch onderzoek en histologische evaluatie van de huid brachten een multifactorieel aspect van de letsels naar voren. Histologisch zijn de huidletsels typisch voor een infectie met het aviaire pokkenvirus, waarbij ook virale intracytoplasmatische inclusies aanwezig waren (zogenaamde Bollinger lichaampjes).
Het opvallend exsudatieve karakter van de huid kan in dit geval gelinkt worden aan de (secundaire) bacteriële infectie. Staphylococcus sp. en Enterococcus sp. werden geïdentificeerd op bacteriologisch onderzoek. Ook Pathosense® zou kunnen worden ingezet om het virus aan te tonen. Eén of meerdere korsten vormen het ideale staal voor deze analyse.
Ter volledigheid vermelden we dat het PCR-onderzoek voor aviaire influenza in deze gevallen negatief was.

Foto 3: Detail van de aangetaste huid: Er is duidelijke verdikking van de epidermis (hyperplasie) waarbij er vacuolaire degeneratie is van de keratinocyten (hydropische degeneratie). Doorheen de aansnijding bevatten meerdere van deze keratinocyten eosinofiele virale inclusies in hun cytoplasma (zogenaamde Bollinger lichaampjes, oranje pijlen). Er is milde erosering van de bovenste lagen van de huid met aanwezigheid van multipele bacteriële aggregaten (zwarte pijl).
Het virus kan op verschillende manieren geïntroduceerd worden en zich verspreiden binnen een toom. Overdracht via direct contact tussen de dieren is mogelijk, bijvoorbeeld door krab- en pikgedrag. Ook mechanische overdracht via insecten kan leiden tot spreiding van de infectie. Tot slot kan het virus door orale opname of inhalatie van aerosols of stof overgedragen worden. Na een incubatieperiode van 4-10 dagen kunnen er letsels ontstaan.
Preventief kan men de kippen vaccineren. Dit levende vaccin wordt toegediend aan de hand van de vleugelprikmethode in het vleugelvlies van de dieren. Het is aangeraden om 7-10 dagen na vaccinatie te controleren of de dieren een entknobbel vertonen. Indien dit niet het geval is, kan dit een aanwijzing zijn dat de vaccinatie onvoldoende effectief beschermt, bijvoorbeeld door een incorrecte toediening. Bij hobbypluimvee is het aangeraden om deze vaccinatie jaarlijks uit te voeren in de lente-/zomerperiode. Verder is het belangrijk om ook preventief in te zetten op het bestrijden van de mechanische vectoren, door een goede insectenbestrijding toe te passen.
Na het uitbreken van pokken in een toom pluimvee kan men een noodvaccinatie overwegen, aangezien de spreiding eerder traag verloopt. Verder moeten de dieren symptomatisch behandeld worden, afhankelijk van de waargenomen letsels en symptomen.
Auteurs: Nermin Caliskan en Joke Van Raemdonck
UIT DE AUTOPSIEZAAL: Maagstase bij een nandoe UIT DE AUTOPSIEZAAL: Trilziekte bij vleeskuikens