UIT DE AUTOPSIEZAAL: Waterstofsulfide-intoxicatie, een gevaar voor mens en dier

,
DGZ kreeg op autopsie een vleesvarken (105 kg) verdacht van een intoxicatie met waterstofsulfide (H2S). Het dier kwam uit een stal waar meel in de mestkelder was gevallen. Door de vergisting van het meel werd H2S geproduceerd en werd in de stal de geur van rotte eieren opgemerkt. Op het bedrijf waren al zeven varkens gestorven.

UIT DE AUTOPSIEZAAL: Histophilus somni als oorzaak van zenuwsymptomen bij kalf

Recent werd een stierenkalf (11 maanden) met een voorgeschiedenis van zenuwsymptomen binnengebracht voor autopsie bij DGZ. Bij macroscopisch onderzoek was er enkel troebel, geel gewrichtsvocht met fibrinevlokken te zien in de carpi en tarsi. Bacteriologisch onderzoek van de gewrichten was negatief voor Mycoplasma bovis.

RUNDERRADAR PRAKTIJKGEVAL: Boosaardige catarraal koorts op kinderboerderij

Op een kinderboerderij vertoonde een melkveevaars van zeven maanden oud plots zenuwsymptomen (cirkelgang). De bedrijfsdierenarts constateerde bij dit dier ook koorts (41,5°C), vertroebeling van de ooglens en erosies ter hoogte van de neusspiegel en het mondslijmvlies. De andere vaarzen van de kinderboerderij hadden geen symptomen. Omdat behandeling met ontstekingsremmers (NSAID’s) en een antibioticum geen verbetering gaf, werd de hulp van DGZ ingeroepen.

RUNDERRADAR PRAKTIJKGEVAL: Eikelvergiftiging bij runderen

, ,
Afgelopen zomer werden twee runderen - verdacht van botulisme - binnengebracht voor autopsie bij DGZ. Het uitgebreid postmortaal verval bemoeilijkte de macroscopische beoordeling, maar toch konden bij beide dieren een uitgebreid onderhuids oedeem ter hoogte van hals en borstbeen en bloedingen ter hoogte van de nierschors worden vastgesteld. De pens bevatte eikenbladeren, jonge eikels en eikelfragmenten alsook een besmetting met pensbotten.

RUNDERRADAR PRAKTIJKGEVAL: Uitbraak van cerebrocorticaal necrosesyndroom met sterfte bij jongvee

In juli werd Veepeiler gecontacteerd voor twee Holstein-Friesian kalveren die na gelijkaardige symptomen stierven rond de leeftijd van vijf maanden. De kalveren stonden in dezelfde strobox en vertoonden plotse blindheid aan beide ogen, sufheid en zenuwstoornissen gekenmerkt door trillingen van kop en nek, neervallen, stuiptrekkingen en tenslotte sterfte binnen enkele uren. Op basis van de symptomen en de voorgeschiedenis van het bedrijf kwamen onder andere volgende differentiaaldiagnosen in aanmerking: cerebrocorticale necrose (CCN), listeriose, Histophilus somni, loodintoxicatie en hepatische encefalopathie.

Wat verwachten rundveehouders van hun dierenarts?

Rundveehouders hebben een groot vertrouwen in hun dierenarts. Dat blijkt uit een enquête die DGZ in 2017 in opdracht van de Vlaamse vereniging voor Buiatrie heeft afgenomen bij rundveehouders. Deze enquête bracht verder aan het licht dat de behoeftes van de rundveehouders ten opzichte van hun dierenarts evolueren over de tijd. Vandaag hebben ze steeds meer nood aan een preventie-adviseur, in plaats van louter een curatieve clinicus.

Tips voor een optimale desinfectie van stallen

, , ,
Telkens een stal, afdeling of compartiment leegkomt, moet deze gereinigd en gedesinfecteerd worden. Zo beperk je het risico op spreiding van pathogenen die achterblijven in de omgeving naar de volgende diergroep. Het reinigen is een onmisbare eerste stap om tot een propere omgeving en een reductie van het aantal pathogenen te komen. Ontsmetting is enkel zinvol wanneer er een grondige reiniging aan is voorafgegaan.

Salmonella bij rundvee: hoe opsporen, voorkomen en bestrijden?

Een salmonella-infectie kan lelijk tekeergaan op een rundveebedrijf en ernstige economische schade veroorzaken. Bij klinische salmonellose is er hoge koorts, (al dan niet bloederige) diarree, abortus en sterfte. Vooral bij kalveren jonger dan 10 weken is de mortaliteit hoog. Salmonella Dublin veroorzaakt ook makkelijk longontstekingen. Bovendien kunnen ook de veehouders en hun familie besmet raken. Op andere bedrijven – vaak deze met een zekere graad van bescherming – verloopt de besmetting dan weer zonder of enkel met vage symptomen, zoals een verminderde vruchtbaarheid, tegenvallende of wisselende productieresultaten en een verhoogde kalversterfte.